Ben Lankamp

Ozonlaag herstelt langzaam

14 september 2019 10:00 uur (bijgewerkt: 14 september 2019 10:38 uur)
Om klimaatverandering te beperken en de reeds onvermijdbare gevolgen te kunnen beheersen, zijn wereldwijde afspraken nodig. Dat wereldwijd milieubeleid succesvol kan zijn, bewijst het uitbannen van het gebruik van cfk's, die het 'ozongat' veroorzaken.

Ozonlaag: houdt schadelijke UV-straling tegen

In een luchtlaag hoog in de atmosfeer, ongeveer tussen 15 en 50 km hoogte, bevindt zich relatief veel ozon (O3). Deze zogenoemde ozonlaag ontstaat doordat zuurstofmoleculen zich splitsen onder invloed van binnenkomende ultraviolette straling van de zon.

De ozonlaag is belangrijk voor het afvangen van de schadelijke UV-straling vanaf de zon. Zonder een ozonlaag zou er veel meer UV-straling op het aardoppervlak terecht komen, wat zeer schadelijk zou zijn voor mensen en andere levende wezens.

Onder invloed van UV beschadigt namelijk de huid (verbranden), waardoor de kans op huidkanker sterk toeneemt. Te veel UV straling is ook heel schadelijk voor menselijke ogen. De intensiteit van UV-straling wordt ook wel uitgedrukt in de zonkracht.

Gat in de ozonlaag: hoe zat het ook alweer?

De vloeistof trichloorfluormethaan (CFC-11), vroeger een veelgebruikt koudemiddel, een van de veroorzakers van schade aan de ozonlaag.

In het begin van de jaren '70 werd reeds vermoed dat de uitstoot van stikstofoxiden door mest, uitlaatgassen en het gebruik van CFK's (chloorfluorkoolwaterstoffen) tot problemen konden leiden. CFK's werden veel gebruikt in koelkasten en airconditioning-installaties.

Wetenschappers berekenden dat de gassen tot de hogere luchtlagen van de atmosfeer zouden kunnen doordringen, waaronder ook de ozonlaag. Ze zouden daar het aanwezige ozon afbreken, waarmee onze natuurlijke beschermlaag tegen UV-straling wordt aangetast.

In 1984 werd met ballonmetingen op Antarctica voor het eerst onomstotelijk aangetoond dat er inderdaad een sterke afname van de hoeveelheid ozon is, vooral in de wintermaanden boven de polen. In de daaropvolgende jaren bevestigden satellietmetingen de metingen die met ballonnen waren gedaan.

Het gat in de ozonlaag: paars is weinig zon, groen en geel is veel ozon.

De afbraak van ozon in de ozonlaag kon ook rechtstreeks worden gekoppeld aan de uitstoot van stikstofoxiden, zoals reeds vijftien jaar eerder was vermoed door wetenschappers (waaronder de Nederlandse Paul Crutzen, die later voor zijn onderzoekswerk omtrent het ozongat de Nobelprijs voor Scheikunde won).

Het 'ozongat' dankt zijn naam aan het feit dat de hoeveelheid ozon in de ozonlaag in het vroege najaar op zijn laagst is, en vooral boven de poolgebieden (in het bijzonder Antarctica). De temperatuur is dan het laagst in de ozonlaag, aan het einde van de winter op het zuidelijk halfrond.

Montrealprotocol: uitbanning van CFK's

De internationale gemeenschap kwam in 1987 bij elkaar in de Canadese stad Montreal om strenge afspraken te maken over het terugdringen van de uitstoot van de gassen die de ozonlaag aantasten.

Alle afspraken en maatregelen staan bekend als het 'Montrealprotocol', dat eerst door 46 landen werd ondertekend. Sindsdien hebben 197 landen zich gebonden aan het protocol.

Het protocol komt in de praktijk neer op het uitbannen van het gebruik van CFK's, wat werd afgedwongen met een zeer drastisch afbouwschema:

  • In 1991 en 1992 maximaal 150% van de uitstoot van 1986;
  • In 1994 maximaal 25% van de uitstoot van 1986;
  • In 1996 geen uitstoot.

Het Montrealprotocol is aangevuld in 2016 met afspraken om ook de uitstoot van HFK's (fluorkoolwaterstoffen) aan banden te leggen. Deze gassen zijn eveneens schadelijk voor de ozonlaag, maar in mindere mate van CFK's. Hiervoor is een langere periode uitgetrokken: ontwikkelde landen moeten al heel snel stoppen, terwijl ontwikkelingslanden tot 2047 de tijd krijgen.

Heeft het zin gehad?

Uitstoot van gassen die de ozonlaag aantasten, als percentage ten opzichte van de uitstoot in 1986.

We zijn inmiddels 30 jaar verder, sinds het maken van de afspraken in Montreal. Vanaf 1996 is het gebruik van cfk's in de praktijk uitgebannen. De afgelopen jaren is duidelijk geworden dat het wereldwijde milieubeleid zijn vruchten begint af te werpen.

Nadat het Montrealprotocol werd afgesproken in 1987, steeg de uitstoot van schadelijke gassen nog kortstondig door. Vanaf 1989 werd een sterke daling ingezet en inmiddels is de uitstoot nog slechts 1/5e van de uitstoot in 1986.

Hoeveelheid ozon (blauw) versus modelprognose (zwart, met onzekerheidsmarges in grijs)

Op de gematigde breedten en in de tropen (60°ZB tot 60°NB, zie grafiek) nam de hoeveelheid ozon in de ozonlaag ieder jaar nog af in de jaren '90, maar deze afname ging wel steeds langzamer.

Rond het jaar 2000 is er een stagnering te zien en sindsdien is de gemiddelde hoeveelheid ozon zich heel langzaam aan het herstellen. De ozonlaag zal vermoedelijk tegen 2050 hersteld zijn tot hetzelfde niveau als 1960.

Het duurt vervolgens nog een jaar of 20-30 voordat de ozonlaag is hersteld tot het punt dat we kunnen spreken van een 'natuurlijke toestand', waarbij de vorming en afbraak van ozon weer geheel door natuurlijke processen wordt bepaald.

Gat in de ozonlaag komt nog decennia terug

Het jaarlijks terugkerende ozongat boven Antarctica is een ander verhaal. De omvang van het gat in de ozonlaag is sinds 1997 elk jaar min of meer hetzelfde, al werd in 2006 nog een record groot ozongat gemeten.

Het moment dat het jaarlijkse ozongat ook kleiner wordt, is waarschijnlijk nu ongeveer aangebroken. Als de verwachtingen uitkomen zal het ozongat ook in 2050 nog een jaarlijks terugkerend fenomeen zijn, maar wel veel minder uitgesproken dan vroeger. Het zal vermoedelijk duren tot na 2100 voordat er geen ozongat meer optreedt.

We moeten dus nog een tijd wachten voordat de ozonlaag helemaal hersteld is, maar we kunnen intussen wel stellen dat het Montrealprotocol zijn vruchten heeft afgeworpen. Het laat ook zien dat wereldwijd milieubeleid met harde afspraken geen onhaalbare kaart is én succes kan boeken.

Klimaatbeleid ingrijpender dan Montrealprotocol

Hoewel het succes van het Montrealprotocol bemoedigend is, dat landen gezamenlijk zich kunnen inzetten voor een gezondere wereld, zal een wereldwijd klimaatbeleid veel ingrijpender zijn. De noodzaak van het beperken van de uitstoot van CO2 wordt breed gedeeld, maar in welke tempo en op welke manier, wordt over gesteggeld.

Het probleem is dat CO2-uitstoot op veel grotere schaal plaatsvindt dan het gebruik van de gassen die de ozonlaag aantasten. Het broeikasgas speelt bovendien een sleutelrol bij veel productieprocessen waar onze maatschappij van afhankelijk is. Het afbouwen van de CO2-uitstoot is daarmee een vele malen grotere uitdaging.

Deel:

Files en vertragingen