Tot ruim 30% meer gasverbruik in koude winters

Wilfred Janssen
Wilfred Janssen 14 oktober 2021 10:25 uur
De gasprijzen stijgen flink, daarom zijn veel mensen ook benieuwd naar het verloop van komende winter. Hier lees je wat een strenge winter meer kost dan normaal.

Stookseizoen wordt steeds warmer

Gemiddelde temperatuur van het stookseizoen in de afgelopen decennia.

Het stookseizoen in ons land wordt als gevolg van de opwarming van de aarde steeds warmer. De gemiddelde temperatuur in de periode van 1 oktober tot en met 30 april is tegenwoordig 6,6 graden. Dat is anderhalve graad warmer dan halverwege vorige eeuw toen de gemiddelde temperatuur van het stookseizoen 5,1 graden was.

Een verschil van anderhalve graad klinkt als een niet heel groot verschil, maar dat is het juist wel. Anderhalve graad opwarming is in de klimatologie zeer extreem te noemen, maar ook in gemiddeld gasverbruik scheelt het aanzienlijk. Dit is vooral met het begrip ‘graaddagen’ mooi duidelijk te maken.

Graadmeter voor gasverbruik

De weerkundige graadmeter voor het gasverbruik is een “graaddag”. Een graaddag is de temperatuurafwijking van de gemiddelde etmaaltemperatuur ten opzichte van een referentietemperatuur. In Nederland wordt meestal 18 graden als referentietemperatuur gebruikt, omdat men er vanuit gaat dat onder een gemiddelde etmaaltemperatuur van 18 graden meestal verwarming wordt gebruikt. 

Een etmaalgemiddelde temperatuur van 14 graden levert 4 “graaddagen” op. Op basis van de winter 2019-2020 gebruikte een gemiddeld huishouden ongeveer 0,6 kuub gas per graaddag. Door het aantal graaddagen over het hele stookseizoen uit te rekenen, weet je ook wat ongeveer het gasverbruik is geweest.

Stookseizoen kost steeds minder gas

Het stookseizoen kost door opwarming van de aarde steeds minder gas. In een gemiddeld stookseizoen zitten ongeveer 2425 graaddagen, wat neerkomt op een gasverbruik van circa 1455 kuub. Stel dat we nu nog met het klimaat van de jaren ’60 en ’70 te maken hadden, dan was het gasverbruik 13% hoger geweest met zo’n 1645 kuub per stookseizoen.

Het aantal graaddagen per stookseizoen varieert sterk van jaar tot jaar, maar de algehele trend is toch dalend.

Anderhalve graad opwarming zorgt er dus voor dat in een gemiddeld stookseizoen 13% minder gas nodig is om een gelijkwaardig huis te verwarmen dan enkele decennia geleden. Dit is echter een gemiddelde. Er zijn natuurlijk zeer zachte stookseizoenen, maar ook zeer koude. Vooral zeer koude stookseizoenen leveren een heel veel hogere gasrekening op.

Zeer koude winter betekent 30% meer gasverbruik

In een zeer koude winter is 30% meer gas dan gemiddeld nodig om een huis op temperatuur te houden. Als we kijken naar de koudste winters van de vorige eeuw, dan tellen die 3000 tot ruim 3200 graaddagen. Voor een gemiddeld modern huis betekent dit een gasverbruik van 1930 kuub, ruim 30% meer dan het gemiddelde van 1450 kuub gas. De kans dat dit soort winters tegenwoordig voorkomen, is wel héél klein.

De zachtste stookseizoenen leverde slechts een reductie van ruim 20% in het gasverbruik op. Dit komt omdat koud weer wat temperatuur betreft altijd veel verder van het langjarig gemiddelde afwijkt dan een zeer zachte dag. 

De exacte gevolgen voor de kosten hangen af van de daadwerkelijke gasprijs die aan ons wordt doorberekend door de energiebedrijven. Maar duidelijk is wel dat als de gasprijzen hoog blijven en de winter normaal tot streng verloopt, de rekening flink omhoog gaat.

Deel:

Files en vertragingen