Opvallende temperaturen van 11 februari zijn naar beneden bijgesteld

Wilfred Janssen
Wilfred Janssen 19 februari 2021 08:30 uur
Laatste update: 19 februari 2021 08:44 uur
Vorige week donderdag maakte de temperatuur op veel plaatsen gekke sprongen. Het KNMI heeft de temperaturen daarom bijgewerkt en verlaagd.

Vorige week donderdag schreven we over de opvallende temperaturen op veel plaatsen in de noordelijke helft van het land. Bij meerdere weerstations piekte de temperatuur zeer kort tot ver boven nul, waardoor de reeks ijsdagen werd onderbroken en er voor die plaatsen geen koudegolf meer in zat. Nu zijn die opvallende temperaturen door het KNMI naar beneden bijgesteld. 

Opvallende temperaturen naar beneden bijgesteld

De opvallende temperaturen, die donderdag 11 februari zijn gemeten, zijn nu door het KNMI naar beneden bijgesteld. De correcties liepen sterk uiteen. Zo werd in De Bilt slechts één tiende graad van de gemeten maximumtemperatuur afgetrokken, in Hupsel is de gemeten maximumtemperatuur van 2.1 graden verlaagd naar -1.8 graden. Bijna 4 graden verschil!

Ook in Berkhout (1.3 naar -0.1), Lelystad (2.3 naar -0.9), Heino (0.2 naar -0.8) en Hoogeveen (1.4 naar -0.3) zijn maximumtemperaturen boven nul gereduceerd naar waarden onder het vriespunt. 

Links de gemeten waarden op donderdag 11 februari, rechts de waarden zoals gecorrigeerd door het KNMI. Laat je niet op het verkeerde been zetten door het kleurgebruik van het KNMI, de rechter kaart is écht een stuk kouder op veel plaatsen.

Een terechte bijstelling in onze ogen, want de gemeten temperatuur was geen juiste weergave van de temperatuur in de omgeving rondom de weerstations. De gemeten temperatuur was van een microklimaat binnenin de weerhut waar de sensoren aanwezig zijn. De omgevingslucht was in werkelijkheid kouder.

Alsnog een regionale koudegolf op meerdere plaatsen

Omdat door het naar beneden bijstellen van de maximumtemperatuur de reeks ijsdagen niet meer vroegtijdig is onderbroken, mogen we in Hupsel, Lelystad, Heino en Hoogeveen alsnog spreken van een regionale koudegolf. De reeks ijsdagen (maximumtemperatuur onder nul) was op al deze plaatsen tot en met 10 februari 4 dagen lang. Met de correctie van het KNMI en nog twee daaropvolgende ijsdagen, duurde ook op deze plaatsen de koudegolf zeven dagen.

Voor een koudegolf moet de temperatuur minstens vijf aaneengesloten dagen de hele tijd onder nul blijven. Op minstens drie van die vijf dagen moet het kouder worden dan -10.0 graden.

Tien minuten te laat strenge vorst voor een officiële/landelijke koudegolf

Voor Berkhout en De Bilt zorgde de correctie niet voor een koudegolf. In Berkhout kwam het niet één keer tot strenge vorst tijdens de vorstperiode, voor De Bilt kwam de strenge vorst in de nacht naar vrijdag tien minuten te laat.

Omdat het KNMI de standaardtijd voor de etmalen gebruikt (dus van 01:00 tot 01:00 uur in de winter en van 02:00 tot 02:00 uur in de zomer), kan één koude nacht voor twee dagen met strenge vorst zorgen. Is de temperatuur om 00:50 uur -10.1 graden of lager en om 01:00 uur ook, dan mogen we twee dagen met strenge vorst noteren.

Tussen 00:50 uur en 01:00 uur in de nacht van 11 naar 12 februari was de laagste temperatuur precies -10.0 graden in De Bilt. Tien minuten later vroor het wél streng met -10.1 graden. Gevolg: de minimumtemperatuur was op 11 februari precies -10.0 graden, geen strenge vorst.  Op één tiende graad en tien minuten na mogen we niet van een officiële (of landelijke) koudegolf spreken, want De Bilt bleef deze vorstperiode steken op twee dagen met strenge vorst.

De enige officiële koudegolf van deze eeuw dateert dus uit 2012. Het scheelde niet veel, of we hadden vorige week ook kunnen noteren.

Deel:

Files en vertragingen