25 jaar geleden: De bijna-watersnood

Meer dan tweehonderdduizend mensen worden geëvacueerd

Van onze weerman

Raymond Klaassen

25 jaar geleden: De bijna-watersnood

Meer dan tweehonderdduizend mensen worden geëvacueerd

Van onze weerman

Raymond Klaassen
25 januari 2020 16:00 uur (bijgewerkt: 29 januari 2020 12:26 uur)
Precies 25 jaar geleden was er in een groot deel van Nederland flink wat stress.Het waterpeil van de rivieren bleef maar stijgen en de vrees op een dijkdoorbraak nam met de dag toe. uiteindelijk besloot de overheid meer dan 200.000 mensen verplichtte evacueren.

Watergevaar van de andere kant

Iedereen heeft wel gehoord van de watersnoodramp uit 1953. Uit de geschiedenisboeken, op school of misschien wel zelf aan den lijve ondervonden. Door een combinatie van storm en springtij in de nacht van 31 januari op 1 februari braken in Zeeland de dijken en kwamen bijna 2000 mensen om in het kolkende water.

Vijfentwintig jaar geleden dreigde er een nieuwe watersnoodramp. Alleen toen kwam het water van de andere kant. Door smeltwater en de aanhoudende, overvloedige regenval in het stroomgebied van de Maas en de Rijn steeg het waterpeil snel en kwam het water op veel meetpunten tot recordhoogte.

Snel stijgend rivierwater

De waterstandsbeschrijving start op 25 januari 1995. In de Ardennen, Noord-Frankrijk en delen van Duitsland is het aanhoudend nat. Dagen achtereen valt er met grote regelmaat heel veel neerslag. Daarnaast is er heel veel smeltwater dat moet worden afgevoerd via de rivieren. In een dag tijd stijgt het water in de Rijn bij Lobith met zo'n twee meter. Bij Zaltbommel gaat het waterpeil van de Waal een meter omhoog. De rivieren voeren het water zoals gebruikelijk af naar de Noordzee, maar nu is het wel heel veel water in korte tijd. De rivieren kunnen het eenvoudigweg niet aan en het water stijgt meer en meer. Permanente dijkbewaking wordt ingesteld en het rampenplan wordt actief.

Het rivierengebied (klik voor vergroting)

Eerste evacuatie

Op donderdag 26 januari 1995 staat de Maas bij Itteren en Borgharen 45,09 meter boven NAP. De 3100 bewoners in het dorp krijgen het dringende advies een te vertrekken omdat het risico op overstromingen en een dijkdoorbraak te groot wordt.

Het water blijft ondertussen gewoon door stijgen. Een dag later, 27 januari, mag er geen verkeer meer over de dijken in het land van Maas en Waal. De dijken worden hermetisch afgesloten. De Rijn staat inmiddels op 15.02 meter boven NAP en de Waal bij Zaltbommel  op +5.86 meter. In Duitsland overstroomt het centrum van Keulen doordat de Rijn buiten zijn oevers treedt.


1926 Toen wel een dijkdoorbraak

In 1926 was de laatste grote overstroming in het rivierengebied. De Maas kende een bijzonder hoge waterstand door overvloedige regenval en smeltwater. Op 1 januari 1926 brak de Maasdijk bij Overasselt en Nederasselt waardoor het land van Maas en Waal overstroomde.


Zaterdag 28 januari wordt de IJsselkade in Deventer afgesloten. De risico's worden te groot. Ondertussen is er van droog weer nog steeds geen  sprake. Zondag 29 januari komt het met bakken uit de lucht in het rivierengebied van Nederland, België en Duitsland. Het waterpeil noteert ieder uur een hogere stand. Deskundigen maken zich grote zorgen. De dijken raken steeds meer verzadigd en een dalend waterpeil zit er nog niet in.

Verplicht evacueren

Op maandag 30 januari krijgen tienduizenden mensen het dringende advies hun huis te verlaten en een veilig heenkomen te zoeken. 75.000 mensen in het stroomgebied van de Maas en Waal kan geen veilige leefomgeving worden gegarandeerd. De Maas staat dan op 45,62 meter boven NAP. Stroomafwaarts vertrekken duizenden mensen voor het stijgende water van de Merwede. Het dorp Boven-Hardinxveld met 4000 inwoners wordt geëvacueerd. Dinsdag 31 januari volgen de evacuaties van de Ooijpolder (15.000 mensen), Land van Maas en Waal (15.000 mensen) en de Bommelerwaard (40.000 mensen). 

In de middag gelast de toenmalige commissaris van de Koningin Jan Terlouw de verplichte evacuatie van 140.000 mensen in de Betuwe. De Rijn heeft bij Lobith een stand van 16,5 meter bereikt. Dat is de kritieke waarde. Er komt een ware exodus op gang. Ook aan het vee wordt gedacht. Vrachtwagens rijden af en aan om het vee bij de boerderijen weg te halen. 's Avonds staat het waterpeil van de Rijn bij Lobith op 16,68 meter. Het record uit 1993 is daarmee gebroken.

"Grote evacuatie om hoogwater in 1995 van regio Tiel was twijfelachtig."
Uit De Stentor: interview met toenmalig burgemeester Ed d'Hondt

De dijk bij Ochten

De evacuaties verlopen voorspoedig en de dijken houden het nog. Wel is duidelijk dat de dijk bij Ochten zeer kritiek is. Als de dijk begint te schuiven wordt het dorp in allerijl geëvacueerd. Honderden militairen zijn meer dan 24 uur in touw om de dijk te versterken met tonnen zand. Uiteindelijk houdt de dijk het en blijft het gebied een ramp bespaard.

2 februari: Het water zakt!

Op 2 februari begint het water dan toch te zakken. Centimeter voor centimeter. Met het zakken van het waterpeil is het gevaar voor inzakkende dijken nog erg groot. Op vrijdag 3 februari daalt het water in een etmaal bijna een halve meter. De eerste regio's worden weer veilig verklaard en inwoners van de Ooijpolder en het land van Maas en Waal mogen weer terug naar hun huis. De dagen er van volgen ook de andere geëvacueerde gebieden. Nederland heeft het water veilig kunnen afvoeren.

Acties na 1995: Dit nooit meer!

De waterstanden waar we in 1995 mee te maken kregen komen statistisch eens in de 100 jaar voor. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat het nu nog 75 jaar duurt voordat de rivieren weer zo hoog komen te staan. Het zou ook volgend jaar kunnen zijn.

De bijna-ramp van 1995 heeft de overheid toen wel wakker geschud. Om beter voorbereid te zijn op toekomstig hoogwater zijn er direct in 1995 verschillende projecten versneld gestart. Het Deltaplan Grote Rivieren is het bekendste project waarin de beleidslijn Ruimte voor de Rivier een belangrijke rol speelt. Niet alleen het verhogen en versterken van dijken is belangrijk, maar de rivier moet ook 'speelruimte' hebben. Zo zijn uiterwaarden uitgediept, obstakels verwijderd en hier en daar dijken verlegd. Met die ruimte wordt het achter de dijken veiliger.

Veel acties zijn inmiddels gerealiseerd en daarmee staan we er al een stuk beter voor dan in 1995. Dat is een geruststellende gedachte, maar geen reden om op de lauweren te gaan rusten. Het klimaat verandert, weerextremen nemen toe en daar hoort ook overvloedige regenval bij. We zullen dus altijd moeten bijsturen om het water  in ons land de baast te blijven.


Op de NPO wordt de BNNVARA documentaireserie Hoog Water vanaf 3 februari uitgezonden. Deze reeks gaat over de bijna-ramp van 1995 het bevat veel nieuw beeldmateriaal.

Deel:

Files en vertragingen