Ben Lankamp

Wat is ijzel?

7 januari 2017 16:36 uur (bijgewerkt: 15 februari 2018 12:14 uur)
IJzel is het vormen van een ijslaag, door onderkoelde regen of doordat regen op een bevroren ondergrond valt. Onderkoelde regen ontstaat, net als bij ijsregen, als sneeuwvlokken door een laag vallen waarin het dooit. Het meest bijzondere vindt plaats in de laatste paar honderd meter tot de grond.

De meeste neerslag die uiteindelijk op het aardoppervlak valt, vormt zich hoog in de atmosfeer (waar het altijd vriest) als sneeuwvlokken. De neerslag verandert van vorm, als er ergens onderweg tussen hoog in de lucht en het aardoppervlak, de temperatuur boven nul komt. Daardoor zijn allerlei verschillende neerslagvormen mogelijk: sneeuw, ijsregen, onderkoelde regen, natte sneeuw en regen.

Dat zijn een heleboel termen en daar is wat meer uitleg bij nodig. Dat gaan we doen met behulp van onderstaande schema:

Wat voor neerslag valt er?

De meeste neerslag begint hoog in de lucht als sneeuw. Als deze sneeuwvlokken naar beneden vallen, en ze komen nergens een temperatuur boven nul tegen, blijft het sneeuw tot die op de grond valt. Dit is de meest linker kolom. Sneeuw die op deze manier op de grond valt, wordt ook wel droge sneeuw genoemd.

Het andere uiterste is regen, weergegeven in de meest rechtste kolom: de sneeuwvlokken komen in een dikke laag waarin het dooit, die reikt tot aan de grond. De vlokken smelten en worden regendruppels, om uiteindelijk op de grond te vallen als regen.

Natte sneeuw en ijsregen

Nu komen de zeldzamere neerslagsoorten. Allereerst natte sneeuw, tweede van rechts: net als bij regen is er een luchtlaag waarin de sneeuw gaat smelten. Maar die laag is zodanig dun, dat sneeuwvlokken niet de kans krijgen om helemaal te smelten. Er valt dus op de grond een half gesmolten sneeuwvlok, wat we natte sneeuw noemen.

Vervolgens ijsregen, de tweede van links. Dit is een aparte vorm van neerslag die ontstaat als onderweg naar de grond, sneeuwvlokken door een dunne luchtlaag vallen waarin het dooit. De sneeuwvlokken smelten deels en vermengen zich met vloeibare waterdruppels. Maar verder naar beneden vriest het weer. De sneeuwvlokken, vermengend met regenwater, bevriezen weer en worden een soort glazige hagelkorreltjes die uiteindelijk op de grond vallen.

Voordat we verder gaan, nog een keertje het schema:

Onderkoelde regen

Tot slot blijft er onderkoelde regen over, die leidt tot ijzel. Dit is de middelste kolom in het schema. Het lijkt tegenstrijdig, regen die onderkoeld is: het is toch bevroren of ontdooid? Onderkoelde regen ontstaat, net als bij ijsregen, als sneeuwvlokken door een laag vallen waarin het dooit. De laag is dikker dan bij ijsregen en reikt tot dicht bij de grond. De sneeuwvlokken zullen (vrijwel) helemaal smelten.

Het meest bijzondere vindt plaats in de laatste paar honderd meter tot de grond, waar het namelijk weer vriest. In deze dunne vrieslaag gaat een druppel weer bevriezen. De temperatuur van de druppel zakt onder nul, maar voordat zich ijs heeft gevormd, valt de druppel op de grond. Vandaar: onderkoelde regen. Bij aanraking van de druppels met ieder voorwerp, een wegdek of stoep, maar ook bomen, auto’s, enzovoorts, vindt onmiddellijk bevriezing plaats.

IJzel is een harde ijslaag die zich vormt op allerlei voorwerpen, ook takken en bomen.

IJzel: verraderlijke gladheid

Het resultaat is dat zich een doorzichtige maar keiharde ijslaag vormt. Dit proces noemen we ijzelen of ijzel. IJzel is dus geen neerslag die valt, maar een gevolg van onderkoelde regen. Een ijzellaag levert zeer verraderlijke gladheid op, het is zeer moeilijk te bestrijden met strooizout en je bent ook heel wat tijd kwijt met het autoruitenkrabben.

In de volksmond wordt onder ijzel ook ‘gewone’ regen geschaard, met druppels die dus niet onderkoeld zijn, die op een wegdek valt dat wél bevroren is. De regen bevriest dan heel snel en dat leidt ook tot gladheid. Weerkundigen noemen dit zelf geen ijzel, maar gewoon bevriezing. Voor het resultaat maakt het uiteraard niets uit: het wordt gewoon spekglad.

Deel:

Files en vertragingen